Innerlijke wijsheid kan ik nu beter scheiden van algemenere angsten

Silvia, 54 jaar, huisvrouw

“Mijn broertje overleed aan wiegendood toen ik 3 jaar was. Het verdriet van mijn ouders hierover heb ik altijd gevoeld. Ik begreep toen niet dat ik niet goed genoeg was om dat verdriet weg te nemen. Ik deed mijn best, maar míjn bestaan alleen was niet voldoende. Toen er een nieuw broertje kwam ging ik er min of meer vanuit dat alles weer normaal zou worden. Maar het onuitgesproken verdriet ging horen bij ons gezin dat verder een veilige basis was om in op te groeien.

Me veilig voelen heeft voor mij met een gevoel van vrijheid te maken. Vrijheid om te zeggen en doen wat op dat moment goed voelt. Vrijheid om te gaan en staan waar ik wil. Als ik me niet veilig voel, ga ik op mijn woorden en gedrag letten en ga ik me aanpassen. Wanneer mijn lichaam door fysieke omstandigheden niet functioneert kan ik niets meer alleen en ben ik afhankelijk van anderen. Dat belemmert me en neemt mijn vrijheid af.

Na mijn eindexamen ervaarde ik een immens gevoel van vrijheid met volop mogelijkheden voor mezelf in het nieuwe leven dat voor me lag. Maar het liep anders. Na een jaar in Parijs geweest te zijn ontmoette ik mijn man. Ik voelde gelijk dat hij het voor me was. Iemand met enorm veel energie en een sterk karakter. We trouwden een half jaar later en 9 maanden later kwam ons eerste kindje ter wereld. Vrij snel volgden de andere 2 kinderen. Ik bleef thuis bij de kinderen. Veel vrienden had ik niet en al mijn aandacht ging naar ons gezinnetje. Mijn wereld werd daardoor vrij snel steeds kleiner.

Amper volwassen en gevormd als individu kon ik in ons gezin mijn grenzen onvoldoende aangeven. Ons eerste kind was een huilbaby. Ik was altijd moe, maar durfde dat niet hardop te zeggen. Mijn schoonmoeder, een overheersende vrouw, was actief aanwezig in ons huishouden en vertelde me precies hoe ze vond dat het moest. Onzeker als ik was, nam ik dingen over de opvoeding aan van haar. Ik kon mij niet goed uiten en al helemaal geen grenzen aangeven. Steeds had ik het gevoel het niet goed te doen. Ik ontwikkelde een overdreven bezorgdheid naar mijn kinderen en man. Mijn omgeving noemde mij labiel en angstig. Ik ging geloven dat er iets niet goed met mij was.

Fietsend naar de supermarkt ging ineens de stekker er volledig uit. Ik moest huilen en kon niet meer ophouden. Van de ene op de andere dag kon ik helemaal niets meer. De huisarts constateerde een acute burnout. De chronische vermoeidheid had tot uitputting geleid zonder dat ik het zelf in de gaten had gehad. Omdat ik zo ver heen was ben ik opgenomen om tot mezelf te kunnen komen. Die opname is mijn redding geweest. Door uit de thuissituatie te gaan hoefde ik niets meer. Ik had geen ruimte voor mezelf in een druk huishouden met 3 pubers. Gesprekken met een psycholoog hielpen om in te zien dat ik roofbouw op mezelf had gepleegd. Ik had voortdurend meegelopen in de pas van andere mensen. De gesprekken gaven me ook weer zelfvertrouwen, omdat ik nu begreep dat het logisch was wat er met me gebeurd was en hoe het zich had opgebouwd.

In mijn vroege jeugd heb ik aangeleerd om goed op te letten wat een ander nodig heeft. Op mezelf had ik nooit gelet. Wat mijn grenzen waren en hoe ik die kon voelen wist ik niet. Ik was niet in contact met mezelf. Mijn eigen lichaam voelde ik niet. Het was voor mij vanzelfsprekend mee te gaan in wat een ander nodig heeft. Door mijn onzekerheid heb ik anderen de regie over mijn leven gegeven.

Nu weet ik ook dat veel van mijn angstige en labiele gevoelens gewoon op waarheid berustten. Altijd had ik een onprettig gevoel als mijn man in het buitenland ging fietsen. In Nederland niet, maar in Frankrijk wel. Toen hij tenslotte verongelukte in Frankrijk dacht ik: ja, dit heb ik altijd geweten. Puzzelstukjes leken in elkaar te vallen. Mijn gevoel had hier en bij tal van andere dingen altijd geklopt. Deze innerlijke wijsheid kan ik nu onderscheiden van meer algemenere angsten.

Mijn energieniveau is nog steeds niet helemaal hersteld. Ik ben beperkt in wat ik kan doen. Het klaarstaan voor mijn kinderen en kleinkinderen staat nog steeds voorop en kost soms teveel energie. Mijn eigen grenzen bewaken blijft een uitdaging en een afweging. Sinds mijn man is overleden helpt het om fysiek ook werkelijk alleen te wonen; zo kan ik beter voor mezelf zorgen. Het is een voortdurend leerproces voor me om me vrij te voelen”.

Reacties zijn gesloten.

Call Now Button